Toeslagenaffaire

Rechter laat toeslagenouders maanden langer wachten

Hersteloperatie

Rechter laat toeslagenouders maanden langer wachten

Gedupeerden van toeslagenaffaire demonstreren voor het kantoor van de Belastingdienst.
Gedupeerden van toeslagenaffaire demonstreren voor het kantoor van de Belastingdienst. Beeld ANP

De politiek durfde er niet voor te kiezen, maar de rechter doet dat wel: toeslagenouders moeten voortaan veel langer wachten op afhandeling van hun zaak.

Emiel Hakkenes

De afhandeling van het toeslagenschandaal is uitgelopen op een bureaucratisch debacle waarin beslistermijnen in geen enkel geval worden gehaald en miljoenen aan dwangsommen geen effect hebben. In een verstrekkende uitspraak grijpt de rechter nu in.

Over welke kwestie heeft de rechter zich uitgesproken?

Het gaat om beslistermijnen en dwangsommen voor de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT). Hoe snel moet de UHT, die verantwoordelijk is voor het compenseren van gedupeerden van het toeslagenschandaal, bezwaarschriften van ouders afhandelen? En, als de organisatie die termijn niet haalt, welke dwangsom is ze dan verschuldigd aan de ouders?

Sinds vorig voorjaar geldt dat een bezwaarschrift (van een ouder die het niet eens is met een beslissing van de UHT) binnen twaalf weken behandeld moet zijn. Als dat niet lukt, kan de rechter nog zes weken extra tijd geven. Is er na die achttien weken nog steeds geen beslissing, dan moet de UHT de ouder een dwangsom betalen: honderd euro per dag, met een maximum van vijftienduizend euro.

Zorgen die dwangsommen voor tijdige beslissingen?

Niet bepaald. In totaal heeft de UHT al zo’n 44 miljoen euro aan dwangsommen moeten betalen. En dat bedrag loopt heel snel op, want van die 44 miljoen is er 30 miljoen betaald tussen 1 mei en 31 augustus van dit jaar – een periode van 88 werkdagen.

De UHT heeft te weinig personeel om alle bezwaarschriften te beoordelen. En óók te weinig personeel om ervoor te zorgen dat er alsnog een beslissing wordt genomen binnen de extra tijd die de rechter heeft gegeven.

Wat is in de praktijk het gevolg?

Ouders krijgen weliswaar een vergoeding (die dwangsom), maar ondertussen moeten ze maandenlang wachten op een antwoord op hun bezwaarschrift.

Verder moeten bestuursrechters eindeloos veel zaken behandelen van ouders die willen dat de UHT wordt veroordeeld tot het betalen van een dwangsom. Alleen al de rechtbank Midden-Nederland schat dat het eind dit jaar meer dan duizend van dit soort zaken zal hebben behandeld.

Ten slotte moet de UHT veel personeel inzetten om ervoor te zorgen dat de hoogte van de dwangsommen beperkt blijft. Dit personeel kan dan niet werken aan dossiers waarover (nog) geen bezwaar is ingediend. Maar hoe langer die dossiers blijven liggen, hoe groter de kans op nieuwe dwangsommen. De UHT heeft tot en met afgelopen zomer meer dan twaalfduizend bezwaarschriften ontvangen. Daarvan is een kwart behandeld. De gemiddelde doorlooptijd van de bezwaarprocedure is 549 dagen, oftewel 78,4 weken. Dit betekent dat de wettelijke beslistermijn van 18 weken met ruim 60 weken wordt overschreden.

Is daar een oplossing voor?

Aukje de Vries, de vorige staatssecretaris belast met toeslagen, stelde deze zomer voor om de beslistermijnen te verlengen, en de UHT in het uiterste geval dertig maanden de tijd te geven om een bezwaar af te handelen. Dat voorstel trok ze in, omdat het mogelijk in strijd is met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat stelt dat iedereen recht heeft op ‘een eerlijke en openbare behandeling van zijn zaak, binnen een redelijke termijn’.

En nu?

Nu hebben twee rechtbanken, die van Rotterdam en Midden-Nederland, de knoop doorgehakt. Ja, burgers hebben recht op behandeling van hun zaak ‘binnen een redelijke termijn’, maar de wet heeft óók oog voor het perspectief van overheidsinstanties. De beslistermijnen waar zij zich aan moeten houden, mogen niet ‘onrealistisch lang’ zijn, maar ook niet ‘onrealistisch kort’. Dat laatste is volgens de rechters voor de UHT het geval.

Ga maar na: de organisatie heeft steeds meer personeel aangenomen, er werken omgerekend ruim 2500 voltijds medewerkers, en desondanks lukt het in geen enkel geval om binnen de wettelijke termijn een bezwaar af te handelen. En ook de dwangsommen lijken geen verschil te maken. Dat bracht de rechtbank Rotterdam tot de conclusie: die beslistermijn is blijkbaar onrealistisch kort.

De UHT mag van de rechter voortaan veertig weken de tijd nemen om te beslissen op een bezwaar. En de dwangsom voor niet tijdig beslissen gaat omlaag naar vijftig euro per dag, waardoor het maximum van vijftienduizend euro niet na honderdvijftig dagen wordt bereikt, maar na driehonderd dagen.

Zijn gedupeerde ouders daarmee geholpen?

Als de UHT meer tijd krijgt, staan ouders minder snel bij de rechter om een dwangsom te vragen. De vraag is wie hiermee het meest is geholpen: de UHT, de toeslagenouders of de rechtbank zelf?

Het idee is dat de UHT bij een langere beslistermijn minder personeel hoeft in te zetten voor het tijdig afhandelen van bezwaren en het beperken van dwangsommen. Daardoor kunnen medewerkers vrijgespeeld worden voor de dossiers van ouders die nog wachten op een eerste beoordeling. Als de eerste beoordeling sneller en beter kan, zullen minder mensen bezwaar maken, is de verwachting.

De zaak die voor de rechters aanleiding was om de termijnen te verlengen, was aangespannen door een moeder die al twee jaar wachtte op antwoord op haar bezwaar. De UHT kreeg van de rechter nog eens twintig weken respijt. Voor de advocaat van de moeder is dit reden om in hoger beroep te gaan. Dat dient later deze maand bij de Raad van State.

Debat in Tweede Kamer

Dinsdag, woensdag en donderdag spreekt de Tweede Kamer over de ‘hersteloperatie’ van het toeslagenschandaal. Woensdag staat de kwestie van de beslistermijnen op de agenda. Diezelfde dag heeft de Kamercommissie een gesprek met de Stichting (Gelijk)waardig Herstel, waarvan prinses Laurentien de oprichter is. Inmiddels heeft zij haar werkzaamheden voor de stichting, die toeslagenouders bijstaat, neergelegd.

Lees ook:

Een herhaling van het toeslagenschandaal dreigt, vreest de rechter

De regels waaraan toeslagenouders moeten voldoen om geholpen te worden, zijn niet realistisch en hebben onvoldoende oog voor de menselijke maat. Dat stelt de rechtbank in Amsterdam.